vrijdag 22 oktober 2021

Alles over Zwijndrecht

Vanaf 13 december 2021 krijgt Zwijndrecht tienminutensprinter

2 februari 2021 (door Jan-Willem Schneider)

ZWIJNDRECHTSE WAARD - Vanaf maandag 13 december 2021 stopt er op station Zwijndrecht elke tien minuten een sprinter. De extra sprinters gaan doordeweeks tussen ongeveer 07.00 en 19.00 uur rijden. Met de hoogfrequente treindienst wil NS Dordrecht, Zwijndrecht, Barendrecht en Rotterdam beter met elkaar verbinden.

"Door de frequentieverhogingen hoeven reizigers van en naar de Drechtsteden minder lang te wachten en hebben ze vaker een zitplaats. Daarnaast gaat de capaciteit omhoog," vertelt een NS-woordvoerder. Maar aan de randen van de dag vermindert de capaciteit juist. Zo schrapt NS enkele sprinters in de vroege ochtend en late avond. Daarbij onderzoekt de vervoerder of de aansluiting met de MerwedeLingeLijn geoptimaliseerd kan worden. NS vermeldt nog dat de plannen door corona "waar nodig" kunnen worden "bijgestuurd".

Meer treinen komend decennium
Komend decennium wil NS meer treinen laten rijden in Zuid-Holland. "De lijn tussen Dordrecht en Rotterdam krijgt de eerste tienminutensprinter van Nederland. En dat is nog maar het begin; de frequentieverhoging vormt een stap richting iedere vijf minuten een Sprinter en meer Intercity’s in Zuid-Holland", zegt een NS-woordvoerder. Vanaf 2025 wil de vervoerder de tienminutensprinter verder doortrekken richting Den Haag. Hiervoor moet de infrastructuur nog aangepast worden; zo moet ProRail de twee sporen tussen Delft en Rijswijk verdubbelen.



Plan Spoorzone 
Naast de infrastructurele uitbreidingen onderzoekt NS of er meer stations gebouwd moeten worden. Dat past bij de plannen om nieuwe woningen te bouwen die de vastgelopen huizenmarkt moeten ontlasten. Zo hebben de gemeentes Zwijndrecht en Dordrecht het plan Spoorzone gepresenteerd waarin zo'n 6.000 tot 9.000 nieuwe woningen gepland staan. Om onze regio bereikbaar te houden is de spoorlijn van belang. In de verre toekomst wordt ze wellicht omgebouwd tot metrolijn. Vanwege het economische belang kan het project geld krijgen uit het Nationaal Groeifonds.  

 

Zie ook:

Deel dit bericht met je vrienden!