HEERJANSDAM / ZWIJNDRECHT - Afgelopen dinsdagavond 21 februari j.l. presenteerde Kees Popijus het resultaat van zijn onderzoek naar de onteigening van Joods onroerend goed tijdens de Tweede Wereldoorlog in Zwijndrecht en Heerjansdam. Centraal in dit onderzoek staan de vragen welke rol de gemeenten hebben gespeeld en hoe de onteigening heeft plaatsgevonden.
Onder belangstelling van diverse inwoners, college- en gemeenteraadsleden en medewerkers van de gemeente Zwijndrecht overhandigde de heer Popijus het eerste exemplaar van zijn onderzoek aan burgemeester Hein van der Loo.
De overhandiging vond plaats in de trouwzaal van het gemeentehuis van Zwijndrecht. Deze locatie was niet geheel toevallig gekozen. Op 9 november 1942 werden vanuit deze zaal de Joodse inwoners van Zwijndrecht weggevoerd voor deportatie naar Westerbork. Voorafgaand aan de overhandiging gaf Popijus een korte samenvatting van zijn bevindingen.
Burgemeester Van der Loo gaf in zijn toespraak aan dat het onderzoek geheel onafhankelijk is uitgevoerd. Hij dankte de heer Popijus voor zijn nauwgezette onderzoek. Uit het onderzoek van Popijus blijkt dat de gemeenten Zwijndrecht en Heerjansdam geen actieve rol gespeeld hebben in de onteigening van Joods onroerend goed. Onderzoeker Popijus: "In Zwijndrecht deed zich een mogelijkheid voor om van overheidswege actief betrokken te worden bij de onteigening, maar men zag daarvan af."
Het resultaat van zijn onderzoek heeft Popijus beschreven in een 64 pagina’s tellend boek.