Alles over Zwijndrecht...

Column

In de soete suikerbol, Zwijndrecht is een heerlijkheid. (donderdag 22 februari 2018)

Afbeelding bij Column: In de soete suikerbol, Zwijndrecht is een heerlijkheid.

Zwijndrecht is een heerlijkheid. Nu is het woord heerlijkheid best iets bijzonders. Wat een heerlijkheid bij de bakker, bijvoorbeeld van der spoel of Kapinga, in de vitrine. Of een geur van heerlijkheid waarbij je het water in de mond loopt. Dat laatste had ik zeker bij de bakkers die ik net noemde. Je kwam voorbij de bakkerij en die heerlijke zoete geur om van te watertanden.

Vroeger gingen we wel bij Kapinga achterom om koek kruimels te kopen en alleen de geur deed de koek kruimels al extra smaken. Maar die heerlijkheid bedoel ik niet. De heerlijkiheid waarin Burgemeester van Beveren woonde was die van Zwijndrecht en waarin zijn huis het kasteel Develstein stond. Het was land waar geoogst werd dat door de pachters bebouwd werd. Waar gejaagd werd en het fijn toeven was.

De heerlijkheid was de bezitting van een heer of vrijheer afhankelijk van de status van van de heerlijkheid zelve. De heer was een heer van stand, een soort Ollie B. Bommel, of zoals al aangegeven een Burgemeester of iemand uit de adellijke stand. Nu is er wel een verschil in de rechten van heerlijkheden en alles wat daarmee samenhing. In 1795 werd dit allemaal afgeschaft en dus Zwijndrecht Heerlijkheid is een begrip waaruit vruchtgebruik te benoemen valt.

De rechten bij een heerlijkheid is iets anders dan het bezit van grond. Het bezit van een heerlijkheid gaf de eigenaar slechts bepaalde rechten. Het kon zelfs voorkomen dat de heer geen grondbezit in zijn heerlijkheid had. Met 'heerlijkheid' werd dan het gebied aangeduid waar die rechten betrekking op hadden. Binnen de heerlijkheid was de heer gerechtigd om lokale overheidsdienaren en gezagsdragers (zoals een meier, baljuw of schout) te benoemen. Met name het benoemen van deze ambtenaar (een soort burgemeester, politiecommissaris en kantonrechter in één persoon verenigd) gold als een belangrijk recht. Aangezien dit inkomsten (uit rechtspleging en boetes) met zich meebracht. Op zich had de heer het recht zelf als meier of schout op te treden, maar veelal lieten de heren zich vertegenwoordigen door een door hen benoemde schout.

Het was dus niet raar dat Zwijndrecht zulke heerlijkheden in zich had want het gebruik van de grond hing veelal samen met de dijk en het gebied wat daar aan vast zat. Ook naast het Veerplein en Zomerlust was er zo een mooi gebied wat als Heerlijkheid aangeduid werd. Het was een begrensd gebied dat ontstaan is uit een bestuursvorm waaraan rechten ontleend werden. Of dat nou tolheffing was of wat anders , het had zeker te maken met de status van die heerlijkheid.

Ik vergelijk het maar weer opnieuw met de bakker. Iedere bakker heeft zijn specialiteit, in de Soete Suikerbol, een pracht verhaal van de dromerige bakker die 100 soete suikerbollen moest leveren aan de koning. Zo zijn er ook Zwijndrechtse heerlijkheden. Want noemde ik bakker van der Spoel en Kapinga omdat zij er nog steeds zitten, zo had ik ook de BBB kunnen noemen of Brokkink. Beiden zaten of de Zwijndrechtse dijk. De BBB vertrok naar de Jansenlaan waar tot de overname vanwege bedrijfsbeëindiging van der Spoel het overnam en Brokkink vertrok naar Dordrecht waar het hazelnootgebak een geweldige naam opbouwde en dat nog steeds heeft en ondertussen ook overgenomen is.

Ja wat horen we of zien we als we aan Heerlijkheid denken. Is Zwijndrecht een heerlijkheid, een identiteitsvorm? In de jarenlange discussies over de identiteit van Zwijndrecht is men het er nog steeds niet over uit. Ambtenaren, politici, stedenbouwkundigen breken hun hoofd over de identiteit van Zwijndrecht. Heerlijk toch als het leven zo simpel is. Zwijndrecht is een heerlijkheid en dat klopt ook. De rechten die Zwijndrecht als gemeente heeft past ook bij de oude vorm zoals die ingericht was met recht, handhaving en controle. Zwijndrecht is een heerlijkheid binnen de Drechtsteden.

Door de controle over het schoutsambt en de lokale rechtspraak, kon de heer zich in 'zijn' heerlijkheid als een kleine potentaat gedragen. Er bestonden nochtans tal van beperkingen. Veelal beschikte de heer slechts over de lagere of middele jurisdictie. De zware geldboeten en lijfstraffen vielen onder de hogere jurisdictie die door grafelijke of hertogelijke ambtenaren werd waargenomen (hoofdschout, hoofdmeier, drossaard, amman). Bovendien diende de heer zich steeds te gedragen naar het plaatselijke gewoonterecht. Grappig als je dat zo leest en kijk,t is dat dan nu ook nog zo? En wie is die heer dan? De burgemeester, die net als destijds burgemeester van Beveren ook buiten zijn stad woonde.

Nee we zijn ondertussen natuurlijk wel moderner maar je ziet ontzettend veel terug van de oude regels of aannames. Handhaving middels boetes, parkeren bv., is er nog wel maar lijfstraffen natuurlijk niet meer, wel taakstraffen. De inwoners gedragen zich ondertussen ook niet meer zoals in de middeleeuwen ( alhoewel) en ieder gaat zo zijn eigen gang. De aanvraag van vergunningen heeft nog wel iets van dat oude systeem ook al mag er meer.

De belasting is ook zoiets wat niet echt veranderd is behalve dat er nu een veel meer kritische massa op toe mag zien dat de inwoners niet uitgemolken worden. Nee dat is een heerlijkheid hoor ik al mensen roepen, belasting betalen, een van de ergernissen sinds Karel de Grote. Maar in het verleden durfde niemand te klagen. In Brussel ging tekenaar Franquin tekeer middels zijn geesteskind Guust tegen de parkeerwachters. Onder het motto; eerst heb je betaald om te rijden, nou moet je betalen om stil te staan. De belastingbetaler betaalt belasting op de belasting, we noemen dat ook wel BTW.

Als je dus kijkt naar de rechten van heerlijkheden dan kom je die van hoog naar laag tegen. Zoiets van rijk naar provincie naar gemeente. Het rijk heft wegenbelasting, de provincie de opcenten en de gemeente , ja die heeft slechts de overlast en heft dus maar parkeerbelasting.

Gelukkig zijn we daar bij Walburg nu weer af en je ziet dat er weer iets positiefs gebeurt. Walburg wordt weer een heerlijkheid om te bezoeken. Uiteraard zijn er vele heerlijkheden te koop en kan je daar gaan zitten als in een heerlijkheid. Gezellig op een terras of binnen bij de Hollandse Eenheidsprijzen Maatschappij of gewoon bij Grand Brass of Lady Ann en die laatste naam heeft wel wat adelijks met de vlaaien-winkel naast zich waar het zoet ruikt.

Ja Zwijndrecht is een heerlijkheid als je het buitengebied bezoekt en daar heerlijk door het groen wandelt, fietst of sport. Rustig ontspannen of lekker intensief in beweging. De oevers van de rivier of meer het bos in wording in, het is er. Natuurlijk neem je de moderne tijd voor lief. De trein spotter versus de vogelaar maar ook de outdoor zwemmer versus de zwembad bezoeker, voor allen is er die heerlijkheid.

Ja zeker Zwijndrecht is een heerlijkheid. Recent hoorde ik iemand zeggen dat hij af wilde van de naam Zwijndrecht, hij was op zoek naar een vriendelijker klank. Swindrecht klonk hem al beter in de oren. Waarom maken we er niet Swingdrecht van. Een plaats waar je binnen de heerlijkheid prettig kan vertoeven. Waar je ontspannen kan wonen maar ook actief aan de slag kan. Waar je kan werken, dromen en je bedrijf op- of uit- kan bouwen.

Niks nieuws tenslotte want kijk hoe dat altijd is gegaan. De Rijstmolen ( euryza) was internationaal, VOZ (Unilever, Sime Darby) internationaal, De groot ( Heerema) internationaal en zo zijn er op de dijk nog meer bedrijven te noemen die allemaal hiervandaan komen en of neergestreken zijn in Zwijndrechts heerlijkheid.

Als wij kunnen genieten van die soete suikerbol die Zwijndrecht is en we zien wie daar allemaal door- heen- overkomt zal er achter komen dat we hier toch op een geweldige plek wonen. Waar je gewoon kunt genieten. Met de ontwikkeling van de oevers van de dijk gaat het goed. Steeds meer lekkere restaurantjes waar je terecht kan. Wandelen langs het water waarbij je uitkomt op een internationaal beeldenpark.

Ja een Heerlijkheid dat is de identiteit van Zwijndrecht waarbij het centrum vanouds het Veerplein is maar zoals een samengesteld dorp betaamt, een gemeente met veel kernen die alle hun eigen bijzondere identiteit hebben die je net zo hard mag koesteren. Niet alleen de bakker heeft lekkere spullen maar ook groente en fruit uit dit gebeid zijn zeer wel bekend. Want Zwijndrecht tuinstad is zeker zo relevant.

De Zwijndrechtse spruiten of de Zoutewelle peer kenmerken onder andere ons gebied waar toch al meer dan vijfduizend jaar mensen wonen, leven , jagen en verblijven. Onze exportproducten veranderen van de peer en de spruit of olie en rijst naar het staal en de pijpen of de muziek en sport.

De inwoners van Zwijndrecht blijven een nuchter publiek en kijken op hun dooie gemak hoe de schepen voorbij varen vanaf de oevers van hun heerlijkheid. Zoals ze dat al jaren deden in hun klederdracht die nu gaandeweg met de huidige mode van de dag een transformatie heeft ondergaan. Daarin is niet direct meer zichtbaar wie de heer van stand is of met welk juk men oploopt. Wel is zichtbaar de groei in welvaart die Zwijndrecht sinds het begin van haar bestaan heeft doorgemaakt. Zwijndrecht is een heerlijkheid!

Chris Moorman

Chris Moorman

Hier vind je de column van Chris Moorman.

Wil je reageren op een van de artikelen?

Stuur hem dan een bericht op chrisjewierook@gmail.com


Chris Moorman

Chris Moorman

Hier vind je de column van Chris Moorman.

Wil je reageren op een van de artikelen?

Stuur hem dan een bericht op chrisjewierook@gmail.com